Met twinkelende pretoogjes

Ik haalde mijn fiets van het slot en zag dat er iemand met een scherp voorwerp allemaal kleine gaatjes in mijn zadel had geprikt. Lompe actie, vond ik, maar het zadel was nog in prima staat om te gebruiken, dus ik haalde mijn spreekwoordelijke schouders op. Tot ik daadwerkelijk op het zadel ging zitten, toen begreep ik de cartooneske slechtheid van de actie. Het nu door de spleetjes zichtbare schuimrubber had al het regenwater opgezogen, waardoor ik de rest van de middag rondliep met een nat achterwerk.
Het vandalisme was natuurlijk gepleegd door een licht dementerend opaatje. Met kinderlijk genoegen. Hij was vast ontsnapt uit het verzorgingstehuis aan de overkant. Onder zijn lange regenjas hield hij al die tijd zijn zakmes verborgen. Een oud zakmes, dat hij nog als kind van zijn vader had gekregen, maar met een geslepen lemmet. Verdekt opgesteld achter een boom zou hij toekijken met twinkelende pretoogjes welk effect zijn actie zou hebben. Ik kon bijna zijn duivelse lach horen: 'Muhahaha.'
Eerder deze week had hij ook al banden lek gestoken, fietsbellen ontvreemd, een zadel verschroeid en verlichting stuk getrapt bij andere fietsen aan het hek.
Dat het om een onschuldig opaatje gaat, moet wel waar zijn, ik heb het tenslotte verzonnen. En van een andere realiteit word ik alleen maar treurig.

Reacties

Populaire posts van deze blog

De belezenheid van de gemiddelde boekverkoper is zeer gering

Witte sokken

Daar komt het leven weer