Niet aan denken

Die nacht droomde ik telkens van haar hoofdje

op het zebrapad. Een hoofd hoort daar niet te liggen,

dacht ik steeds heel bozig, niet op het asfalt.


Ik weet van het bestaan, ik ken er zelfs een paar

persoonlijk: ouders die verder leven nadat ze

een kind zijn verloren. Ik weet dat ze verdergaan,


maar ik heb geen idee hoe. Laat ik me niet gek maken.

Niet aan denken. Niet aan denken. Ze zijn er nog. Ze

zijn er nog. Mijn kinderen, ze zijn er nog en blijven


voor eeuwig. Ook al...


schrijf je een gedicht over hoe je je hart vasthoudt

omdat je oudste dochter alleen door het verkeer fietst

en exact tien dagen later wordt je jongste dochter

op het zebrapad aangereden door een auto. Precies


bij ons op de hoek van de straat. Nog nooit heb ik zo

snel gerend. Even opende zich de deur op een kier

van een wereld die was ingestort. Een rommelige

kinderkamer met overal knuffels en kleertjes


maar desolaat want voorgoed gespeend van vrolijkheid,

ondanks de poster met de kittens en die andere poster

van een mamakangoeroe met guitige baby in de buidel.


Na controle in de ambulance kreeg ze een pleister

en een knuffelbeer, mochten we, met de schrik

van onpeilbare zeeëndiep in de benen, naar huis.

Reacties

Populaire posts van deze blog

De belezenheid van de gemiddelde boekverkoper is zeer gering

Witte sokken

Daar komt het leven weer